Aan de regen en de wind is het te merken dat het de herfst is

aangebroken.

Voor de tuinder houdt het in dat de meeste gewassen binnen zijn of

in de vriezer liggen.

De tijd is aangebroken om de tuin op te ruimen en de losse spullen op

te bergen zodat het van de winter niet weg waait.

Hou ook de sloot in de gaten, de tijd voor het uitbaggeren en het

verwijderen van kroos en andere planten, welke de doorstroming van

de sloot belemmeren.

Er zijn niet voor niets nieuwe duikers geplaatst onder de paden.

Inmiddels kunnen we wel 2 nieuwe tuinders verwelkomen.

Het betreffen Mw. J. Harren op tuin 67 en Dhr. A. de Graaff op tuin 70.

Welkom bijWZZO.

Ook komen er nog twee tuinen vrij. Tuin 33 (350m2 ) en tuin 72 (150 m2).

Tuinders die door willen schuiven binnen het complex kunnen dit

melden voor 28 november aan Remco Visser.

Door het wegvallen van Richard Foppen is er binnen het bestuur een

vacature voor een bestuurslid.

Het bestuur hoopt toch dat op korte termijn een lid van de vereniging

zich aanmeldt voor een bestuursfunctie.

Dit betreft ook voor de beheercommissie. Per slot van rekening

moeten we met z’n allen de vereniging draaiende houden.

Noteer de volgende datums in uw agenda voor het volgend jaar.

Vrijdag 8 januari, nieuwjaarsreceptie voor alle leden van WZZO.

Zaterdag 6 maart, jaarvergadering WZZO.

Met de feestdagen voor de deur gaat zo langzamerhand een ieder

weer plannen maken voor het volgende seizoen. Ik wens iedereen

veel sterkte hiermee.

Veel tuinplezier !                                        John van der Lubbe

Hebt u wel eens tijdens het lopen of fietsen naar uw tuin gelet

op de kleur schakeringen van het schelpenpad als je van

voor naar achter over het pad heen kijkt?

Het zijn vlakken van wit, licht groen tot donkerder groen.

Daaraan kun je precies zien waar een tuin begint en ophoudt.

Het zou mooi zijn als de donker groene stukken weer wit zouden

worden en dat het weer schelpenpad mag heten !

Ook de licht groene stukken zouden een schoffel kunnen gebruiken.

Er zijn verschillende manieren om het schelpenpad te onderhouden.

Je kunt je voornemen het bijvoorbeeld twee keer per jaar te doen en

telkens verzuchten dat die klus, van ongeveer een halve dag, weer is

geklaard. En vervolgens al weer tegen de volgende keer op zien.

Je kunt het iets vaker doen, alles los schoffelen en het onkruid dan bij

elkaar harken en afvoeren. Hierbij verdwijnen dan vaak ook veel

schelpen wat het weer moeilijker maakt om het pad te onderhouden.

Met enige discipline kun je het ook een keer in de 3 weken doen en

dan hoef je alleen maar 10 minuten te schoffelen.

Het onkruid is dan nog zo klein dat het vanzelf verdwijnt.

Wat ook nog kan is om het samen met de buren af te spreken dat je

om de beurt over twee tuinen schoffelt. De een bijvoorbeeld de 1e

van de maand de ander de 15e van de maand.

Dat geeft ook iets meer stok achter de deur om het te doen.

Er zijn mensen die dat prettig vinden om gemakkelijker tot iets te

komen, anderen juist niet. Het is maar een idee.

Het is weer herfst, de slootkant moet weer schoon!

In november gaan we de sloten na lopen of ze schoon zijn.

Namens de tuincommissie hartelijke groeten

                                                                                  Yvonne

Ommetje maken heeft tot doel om vanuit de wijk een

wandeling te kunnen maken langs of over de twee

volkstuinen in Noord. Nu wij het hele traject op papier

hadden en naar ons idee alle betrokkenen hadden geraadpleegd,

kwam de afdeling Recreatie in zicht om het plan te omarmen en er

een vervolg aan te geven in de gemeentelijke organisatie.

Het werd goed ontvangen en diverse stromingen werden intern bij de

gemeente benaderd.

Wij wandelden echter, om het woord fietsen niet te gebruiken, tussen

twee nieuwe bestemmingsplannen door. Dat is dus moeilijk.

In die bestemmingsplannen worden een groot aantal zaken

vastgelegd, waaronder voor bijvoorbeeld de Hekslootpolder de

functie van dat gebied en passen daar wandelpaden in.

Om het kort te houden en een volgende keer hierover verder uit te

weiden: dat loopt niet vlot.

Het "Van der Aart" ging vlotter en wij hebben dan ook met elkaar,

de initiatiefnemers en de sturende ambtenaar, besloten om het plan

in tweeën te splitsen.

Rondom het Van der Aart ontwikkelen wij nu eerst verder.

Inmiddels worden er begrotingen gemaakt voor de uitvoering en

jaarlijks onderhoud.

Op de volkstuincomlex Z.W.N. komt bij de Slaperdijk, maar op hun

terrein, een rustplaats met banken en tafels.

De verharding wordt aangepast.

Langs de noordzijde van de Vondelweg komt een pad.

Er ligt een probleem met een nog te realiseren nooduitgang voor de

woonwagenstandplaatsen.

De ronde wordt dan Tuinenpark Z.W.N – Slaperdijk – Vergierdeweg

– Vondelweg – van der Aartweg – Tuinenpark.

                                                                   Willem van Wonderen

Als ik nu naar buiten kijk, grijs, grauw en nat is het daar, dan

kan ik mij nauwelijks voorstellen, dat we nog slechts enkele

weken geleden karrenvrachten oogst van de tuin hebben

gedragen: aardappelen, groenten en vooral fruit.

Want wat een fruitoogst hebben we dit jaar gehad!

Het begon met de rode en witte bessen (gelei, sap en ingevroren)

gevolgd door de roze en zwarte bessen (weer sap en jam).

Frambozen tussendoor, kruisbessen en later blauwe bessen.

Aardbeien en dan pruimen, pruimen en nog meer pruimen.

Bramen. Tot slot de druiven.

Inmiddels in de kelderkast al enkele planken uitgeruimd om de potten

jam, gelei en vruchten op brandewijn te kunnen bergen.

Zoeken op internet naar bewaarmethodes.

De sappan hebben wij al in ons bezit, die gebruiken we vooral om de

druiven te versappen (dit jaar zo’n 25 liter, gedeeltelijk ingevroren).

Appels drogen (geen succes).

Zelf gebruik ik veel de ouderwetse passe-vite. Ideaal om appelmoes

mee te maken, maar ook bv. om zwarte bessen of bramen na het

koken te zeven; je behoudt de grove structuur en er gaat bijna niets

verloren. Daarna kun je er jam of sap van maken.

De appel- en perenoogst viel in verhouding wat tegen.

In een vroeg stadium hadden de vruchtjes al bezoek gehad van een

of ander beest die zich had ingegraven en vervolgens eitjes heeft

gelegd, waardoor slechts enkel vruchten zich hebben ontwikkeld.

En hoe hou je die vervolgens langere tijd goed?

Dus toch maar weer appelmoes, taarten, stoofperen en alles invriezen.

Inderdaad, een luxe probleem.

Van de groenten hebben we dit jaar zo’n beetje alles bij kunnen eten,

ook al omdat niet alles het even goed doet bij mij.

Spinazie is bijvoorbeeld nog nooit echt wat geworden op onze tuin.

Neemt niet weg dat er heel veel dagen zijn geweest, en nog

trouwens, waarop de meeste ingrediënten van de warme maaltijd

van de tuin afkomstig zijn. Wat een rijk gevoel!

We missen alleen nog een varken.

                                                                                          Jos

Engerlingen zijn de larven van kevers die tot de bladsprietkevers behoren.

De meest in Nederland voorkomende soorten zijn:

Rozenkever – Meikever – Junikever Julikever Sallandkever – oestbruinesprietkever. Anomalia dubia.

Rozenkever

De Rozenkever of (Phylloperta horticola) vliegt massaal vanaf begin mei (afhankelijk van de klimatologische omstandigheden) en is de meest schadelijke (bestrijden met aaltjes is bij deze kever goed mogelijk)

De kevers vliegen meestal van 10.00 uur tot 14.00 uur. Men kan ze makkelijk laag over het gras zien vliegen. In sommige gevallen kunnen er duizenden worden aangetroffen. De levenscyclus als engerling is 1 jaar. De engerlingen kunnen worden aangetroffen aan wortels van allerlei grassen/gazon/ sportvelden, vaste planten en jonge bomen. Voor het monitoren van de vlucht zijn vanaf begin mei speciale rozenkever-vallen te koop. Aan de hand van de vlucht kan het juiste tijdstop worden vastgesteld, zodat ingegrepen kan worden voordat er schade optreedt.

Meikever

De engerlingen van de meikever (Melolontha melolontha) worden

vaak aangetroffen in grasvelden, boomkwekerijen en tuinen. Engerlingen van de meikever vreten aan de wortels van allerlei gewassen. Naaldbomen zoals (Piceas,taxus) beuken, eiken, laurier, fruitbomen, hortensia’s en gras(landen) gazons en sportvelden. In feite zijn ze polyfaag of alleseters. De engerling van de meikever leeft 3 jaar ondergronds. Afhankelijk van de klimatologische omstandigheden kan de

ontwikkeling zelfs 5 jaar duren. De kever begint te vliegen rond de laatste week van april.

Junikever

De leefwijze van de junikever of (Amphimallon solstitialis) is vergelijkbaar met de meikever. De engerlingen zijn vaak in tuinen en grasvelden te vinden. De ontwikkelingsperiode bedraagt 2 jaar. De Junikever vliegt meestal vanaf eind juni en de vluchten gaan tot juli door. Engerlingen van de junikever vreten alleen aan grassen. De kever vliegt in de schemering en komt niet op het licht af.

Julikever

De julikever of (Polyphyla fullo) komt in de kustgebieden voor en de ontwikkeling is vergelijkbaar met die van de meikever. Deze kever is zeldzaam en veroorzaakt geen schade aan tuinen.

                                                                                    Rob Jansen

In het vervolg worden nog drie kevers behandeld

Waar moet je op letten bij het planten van een fruitboom:

- Het plantgat moet ruim genoeg zijn om de wortels te kunnen spreiden

- De grond in het plantgat moet goed zijn losgemaakt

- Het plantgat mag niet zo diep zijn dat zich een waterput kan vormen

- Wortels mogen niet worden gevouwen.

- De boom moet zo gefixeerd zijn dat beweging van de wortelkluit is

   Uitgesloten

Het plantgat kan zo’n twee spaden diep zijn. Een halve zak potgrond toevoegen

is voldoende; voor de rest goed losgemaakte grond vermengd met (in ons geval,

kleigrond) een flinke hoeveelheid scherp zand, om de grond blijvend luchtig te

maken. Het is niet nodig om op de bodem van het plantgat veel mest te storten.

Beter is om wat goed verteerde mest om de stam op de grond te verspreiden; om

het proces van verteren op gang te brengen is namelijk veel zuurstof nodig. De

regen doet dan de rest en de voedingsstoffen zullen zo de grond in spoelen. In

het gegraven plantgat kun je meteen de boompaal zetten, niet zo ver de grond in.

Als de grond ingeklonken is zal alles meteen vaststaan. Een goede afwatering is

heel belangrijk.

Als wortels te lang onder water staan sterven ze af. Ook zijn de bomen extra

gevoelig voor schimmels en boomkanker. Je kunt de fruitproductie op gang helpen

door de jonge takken uit te buigen en vast te zetten met een touwtje. Op deze

takken zal zich het eerste fruit vormen. Ook voor bessenstruiken is dit een prima

(ver)planttijd. Meteen na de aanplant snoeien om een betere knopontwikkeling en

vertakking te bevorderen.

Bessenstruiken zijn trouwens heel eenvoudig zelf te stekken:

- Snij van eenjarig hout stukken van ongeveer 30 cm lang

- Snij de bovenkant recht af en de onderkant schuin

- Verwijder alle knoppen, behalve de bovenste drie

- Steek de stekken tot ongeveer de helft in goede losse grond,

  met de bovenkant boven (anders wortelen ze niet)

- Stekken van zwarte bessenstruiken iets dieper in de grond steken

- Laten wortelen tot volgend najaar, dan kunnen ze op een vaste plek

  worden gezet

Er is weinig te melden,

begin december wordt de voorraad weer aan gevuld.

Na het Sinterklaasfeest kunt u de catalogi voor de zaadbestellingen

weer in de bus verwachten.

Mocht het een koude winter worden:

Er is nog wat tuinturf en turfmolm in voorraad !

                                                                                        Lida

Eeuwig moes of ook wel oude wijvenkool, duizendkop,

splijtkool of armeluisgroente genoemd, is een minder

bekende groente die tot een van de oudste koolsoorten

behoort. De licht tot donkergroene bladeren staan dicht

op elkaar ingeplant maar vormen in tegenstelling tot

andere koolgewassen geen kool, maar een krop van losse

bladeren. Wie deze kool wil verwerken kan dus naar

behoefte oogsten, waardoor de plant verder kan groeien.

Ze is eveneens uitstekend geschikt voor alle dieren die

regelmatig wat groenvoer nodig hebben zoals kippen,

konijnen, schildpadden, hamsters, enz.

Vermeerderen?

De splijtkool kan zonder bijkomende problemen door stek

Vermeerderd worden. Neem enkele potjes bij de hand en vul

deze op met een luchtige zaaien stekgrond. Vervolgens snijd je kopstekken

van circa 5 à 7 cm. Zorg ervoor, dat er geen bladeren in de grond blijven zitten,

daar de kans op rotting groter wordt.

Water geven en afdekken door middel van een miniserre of kas.

Na een week zullen de stekken al gaan inwortelen en uitbundig

groeien.

Standplaats

Eeuwig moes of splijtkool plant je bij voorkeur op een halfschaduwrijke

plaats. Volle zon kan immers tot verbranding leiden.

Een goed gedraineerde bodem met voldoende organische

meststoffen en compost is ideaal.

Groei

De groei van splijtkool is sterk afhankelijk van de grondsoort en

standplaats. Een bodem die voldoet aan alle eisen die de plant stelt en

bovendien goed waterdoorlatend is, zal het hele groeiproces alleen

maar ten goede komen.

Planten kan vanaf april, mei waar de kool vervolgens de hele zomer

ongestoord zal groeien.

Bij droge periodes is watergift belangrijk, omdat eeuwig moes een

vrij oppervlakkig wortelgestel heeft.

Bloei

Splijtkool of eeuwig moes zal weinig of nooit overgaan tot bloei.

Bij droge en warme zomers kan het wel eens gebeuren, dat de plant

toch in bloei komt.

Opmerkelijk hierbij is, dat de plant sterk in groei zal afnemen.

Doorlevende groente ?

Eeuwig moes is geen vorstgevoelige groente en kan dus ongestoord

buiten groeien. De plant blijft jaar na jaar telkens terug groeien.

Splijtkool die onafgebroken groeit kan tot 40 jaar worden!

Na enige tijd is het scheuren van de plant noodzakelijk om een

nieuwe en sterkere groei te garanderen. Groeipunt van eeuwig

moes of splitkool

Verwerken?

Deze oude koolsoort kan perfect verwerkt worden in de keuken.

Oogst enkele bladeren af en kook deze zoals rode of witte kool.

De typische koolsmaak wordt sterk geaccentueerd bij het verwerken

ervan.

Ook dieren, zoals konijnen, vogels en kippen lusten dit groene blaadje!

Ze bevatten heel wat vitamines en versterken het immuunsysteem

Echt niet te geloven maar waar.

Voor bijna 25 dagen van je tuin blijven.

En vallen ze niet dood neer op de straatstenen?

Zo ook in dit geval.

Ps. En dit gebeurde allemaal op Bea’s tuin!

Nu, bij navraag bleek dat niet het geval te zijn.

Kuikentjes vallen als bladeren uit hun nest.

Eenden broeden vaak in hoge bomen

en het gaat altijd goed.

In een van de moestuincryptogrammen het ik de pompoen eens

omschreven als “een sukkel die het water op peil houdt”

( Pomp-Oen). Hiermee doe ik deze oranje vrucht tekort en ook

diegene die het water op peil houdt.

Daarom besteed ik deze pagina’s ter compensatie van mijn omissie

aan deze veelzijdige rariteit, want dat is het eigenlijk.

Verder zitten wij inmiddels in November, dus: pompoenen tijd ! !

Het is eigenlijk een raar ding, deze Cucurbita. Het is familie van de

meloen, de komkommer en bijvoorbeeld de courgette. Nu krijg ik

liever een komkommer op mijn hoofd dan deze keiharde variant,

maar dit terzijde. Bij pompoenen krijg ik altijd gedachtes over

vegetarische restaurants, geitenwollensokken, Indiase tulbanden,

Sitarmuziek, wierook, Oibibio, New Age, Windorgels en meer van dat

gezweef. Ik bega hier wederom een omissie, zodat ik er in een latere

“Bij de voorplaat” weer eens op terug kan komen.

Ziehier, de bronnen van een columnist zijn onuitputtelijk, daar hij ze

zelf maakt. Maar ook dit weer terzijde.

Ooit heb ik mij tijdens een vakantie in de Ardennen, de heksen en

pompoenenstreek bij uitstek, gewaagd aan een pompoensoep in een

van de vele restaurantjes aldaar. Ik was in een overmoedige bui,

ontspannen en zette alle vooroordelen overboord: “Doet u mij maar

eens pompoensoep vooraf”, flapte ik er tegen de ober uit. Wederom

beging ik een omissie. Deze soep leek op het afwaswater van de vaat

van een heel verzorgingshuis op een doordeweekse dag. Ik leek

voorgoed genezen en zag mij bevestigd in al mijn vooroordelen: wat

was dat een smakeloze, smerige smurrie!! Nooit bedacht, dat het aan

de kok kon liggen natuurlijk en dat niet iedereen die in een restaurant

in de pannen roert een waarachtige chef is. Nee, het lag aan de

pompoen. Dit gewas is niet geschapen om gegeten te worden, het is

leuk om te zien, het blijft lang goed en rond Halloween kan je er

leuke lantaarns uit snijden, maar meer moet je er ook niet mee doen.

Van vleermuizenvleugels en rattenstaarten trek je immers ook geen

bouillon. Leuk voor in “De Griezelbus”, “Halloween I, II, III, IV, V” en

andere enge verhalen of films rond deze tijd, maar daarna moet je ‘m

gauw vergeten.

Wist u trouwens dat zo’n uitgeholde pompoen, die gebruikt wordt als

lantaarn in Amerika een “jack-0’lantern”wordt genoemd? De

traditieverhalen over de oorsprong van de lampion/lantaarn. Een van

de bekendste is het verhaal over de smid Jack. Op een avond kwam

Jack de duivel tegen, die hem naar de hel wilde meenemen.

Jack wist met een list de duivel in een boom te lokken en kraste

vervolgens een kruisteken in de stam van de boom, zodat de duivel

de boom niet meer kon verlaten. Pas nadat de duivel Jack had

beloofd dat hij nooit naar de hel zou hoeven haalde Jack het

kruisteken weg en liet de duivel weer vrij. Toen Jack jaren later stierf

mocht hij door zijn slechte levenswandel niet naar de hemel, maar de

duivel liet hem ook niet binnen in de hel wegens de gedane belofte.

Sinds die tijd doolt de ziel van Jack volgens het verhaal rond over de

aarde. De duivel gooide Jack nog wel een gloeiend kooltje achterna

toen hij hem wegstuurde bij de hellepoort.

Jack stak het kooltje in een knol die hij aan het eten was en kreeg op

die manier een lantaarn om zijn weg mee te verlichten.

De jack-o'-lantern is vernoemd naar de smid uit dit verhaal.

Vanwege dit verhaal werden oorspronkelijk knollen gebruikt om de

lantaarns te maken, maar naar Amerika geëmigreerde Ieren ontdekten

al snel dat de pompoen een stuk geschikter was voor dit doel.

Wij hebben ooit pompoenen op de tuin gezet voor de lol: ze groeien

als gekken, het lukt altijd en ze hebben een hoog sierlijk gehalte, want

mooi zijn die oranje ballonnen zeker.

Lange tijd hebben ze dan ook onze voortuin in november gesierd,

samen met de kalebassen en een enkele doorgeschoten courgette.

Totdat wij bij een vriendin uit Tsjechië een pompoensoep voorgeschoteld

kregen tijdens een dinertje. Ja, hoor! lekker, pompoensoep.

Nee, daar gaat mijn hart sneller van kloppen.

Maar ja, je bent beleefd en zegt niets.

En…….. het kan dus wel hé!! In één woord verrukkelijk, een delicatesse,

haute cuisine van de bovenste plank, een zeldzame lekkernij!

Sindsdien ben ik “om” en maak liters pompoensoep (een vriezer vol)

en heb onlangs een heerlijke pompoencake gemaakt, koop

pompoenpitttenbrood bij bakkerij Vreeman en ben op zoek naar

meer recepten, waarin deze delicate vrucht een prominente hoofdrol

speelt. Ik heb geen enkele associatie meer met esoterisch geneuzel,

auralezingen, chakrapsychologie, innerlijk-kindwerk, reiki of occulte

zaken. Die pompoen is gewoon om op te vreten, klaar af uit!!

                                                                                          Fred

WZZO © 2015 • F.H.M. Schoot Uiterkamp