Ongeveer 30 jaar geleden kreeg ik, in het najaar,

een tuin toegewezen op het toenmalige complex

zuid 2. Deze lag naast de tuin van de Hr. Bosland

en al snel maakten we kennis met elkaar. Omdat zijn tuin nog vol

stond met wintergroente dacht ik dat hij al jaren aan het tuinieren

was, maar in het gesprek vertelde hij mij over de berg grond, van de

middengeul, die hij verzet had voordat hij zelf aan de slag kon en zelf

ook pas 1½ jaar de tuin had. Uitgebreid vertelde hij mij de gang van

zaken binnen de vereniging en wat er door mijn voorganger met mijn

tuin was gedaan. Daarbij kreeg ik van hem een wijze raad die ik nooit

vergeten ben, namenlijk: “Reken er maar op dat iedereen je komt

vertellen wat en hoe je het moet doen, maar laat ze maar kletsen en

ga lekker je eigen gang”. Toen ik na het eerste jaar een schuurtje

wilde bouwen, waren de palen met geen mogelijkheid de grond in te

krijgen. “Ben ik niet zo verbaasd over” zei hij toen, “daar heeft jouw

voorganger een enorm gat gegraven, waar we al het puin en glas in

kwijt konden van mijn tuin en die van de buren”. Met zijn hulp is het

uiteindelijk gelukt en stond mijn schuurtje als een van de weinige

stormvast. Het schuurtje waar we veelvuldig koffie dronken, al dan

niet met gevulde koeken en waar alle tuinzaken werden besproken.

Met de verhuizing naar ons huidige complex zouden we weer naast

elkaar komen, maar bij het zien van de nieuwe tuin bedacht hij zich

met de woorden: “Nee, niet weer hé!”, gelet op het heuvellandschap

met bonken klei en verhuisde hij schuin achter mij. Ondanks dat bleef

het koffiedrinken traditie. Naast tuinieren was hij ook onze technische

man, die de karren en kruiwagens onderhield en had je problemen

met je motorpomp of een ander motorgeval, hij maakte het.

De verjaardagen van medetuinders vergat hij nooit en stuurde altijd

een kaartje.

En ondanks dat zijn spierziekte verergerde en hij daardoor steeds

minder aan zijn tuin kon doen, bleef hij optimistisch. Wel ging het

hem aan het hart, dat hij steeds meer aan zijn zoon Jan moest

overlaten. Ik weet dat het heel moeilijk voor hem geweest is om de

tuin vaarwel te zeggen. Voor mij is een grote (tuin)vriend heengegaan,

maar de koffie traditie, al dan niet met gevulde koeken, houden Jan

en ik in ere. Dat je moge rusten in vrede.                Gerard

Allemaal weer terug van een plezierige vakantie of is het anders

uitgepakt dan dat u verwacht had.

De rondrit die ik gemaakt heb door Luxemburg, Duitsland, Frankrijk

en de Belgische Ardennen kan ik als geslaagd bestempelen.

Alleen bij terugkeer op mijn volkstuin was het even schrikken.

Dat onkruid zo snel kon groeien was een teleurstelling.

De tuin was zo mooi dat ik wegging. Daar was niets meer van te zien.

Een paar dagen de handen uit de mouwen en dan lijkt het weer wat.

De groenten en het fruit doen het ook goed door het goede weer.

Woelmuizen en mollen hebben inmiddels ook mijn tuin gevonden.

De tuin is voorzien van een uitgebreid gangenstelsel met hier en daar

een molshoop. De eerste knolselderie is van binnenuit uitgehold.

Dat merk je pas als de bladeren slap hangen.

Helaas het is niet anders.

Verder doet alles het goed op de nogal droge grond.

Het is beter water geven dan dat het staat te rotten in de grond.

Nu even geheel iets anders.

Tuin 50 is vrijgekomen, u kunt hierop reageren.

Verder veel tuinplezier toegewenst.

                                                           J. van der Lubbe. (voorzitter)

Vanwege familieomstandigheden heeft Richard Foppen zijn taak als

secretaris neergelegd.

Alle lopende zaken worden overgenomen door het bestuur.

Voorlopig zal ik als aanspreekpunt fungeren zolang er nog geen ander

bestuurslid is. Ik wil dan ook aan de leden vragen om te overwegen in

het bestuur plaats te nemen. Bij twijfel raadpleeg een bestuurslid.

Het is toch onze vereniging WZZO. Denk er eens over na.

De bes

De zwarte bessen-roest is een schadelijke schimmel die in de

zomermaanden verschijnt op de onderkant van het blad.

Eerst zie je gele, later bruine sporenhoopjes.

De schadelijkheid bestaat daarin dat het blad al vroeg zijn werk

niet meer kan doen en voortijdig afvalt.

Dan verzwakt de plant uiteraard, want de plant heeft het blad

nodig om zichzelf in stand te houden. Rode bessen hebben geen

last van de schimmel, alleen zwarte bessen.

De den

Wat heeft de den er mee te maken? De zwarte bessen-roest leeft in

de zomer op de zwarte bes en verhuist in de wintermaanden naar

bepaalde dennensoorten, en wel dennensoorten waarvan de

naalden in vijftallen bij elkaar aan de tak zitten.

Dat is gemakkelijk vast te stellen, de meeste dennen zijn tweenaaldig

en zitten in groepjes van twee aan de twijg; die zijn onschuldig.

Het gaat alleen om vijfnaaldige dennen.

Op die dennen zit de schimmel dus in de winter en verhuist in de

zomer weer terug naar de zwarte bes.

De schimmel is zowel schadelijk voor den als voor bes.

Als er geen zwarte bes in de buurt is wordt deze dennensoort niet

aangetast, en als deze dennensoort niet in de buurt is wordt de zwarte

bes niet aangetast; de schimmel heeft beiden nodig om te overleven.

Een paar vragen aan u

Ik heb op het complex al rond gekeken of ik ergens een vijfnaaldige

den zag staan, maar vanaf het pad is natuurlijk niet alles te zien.

De eerste vraag is dus: weet u er een te staan?

De tweede vraag is: heeft u ook zwarte bessen met deze aantasting?

Als u zwarte bessen heeft zonder deze aantasting zou ik dat graag

willen weten, want dat zou betekenen dat er een resistente soort is.

Als u twijfelt of uw zwarte bes deze aantasting heeft kom ik graag

even kijken.

Let op, een den is geen spar! Een spar is zeg maar een kerstboom.

Een den ziet er zo niet uit. Twijfelt u, kom ik graag even kijken.

Tot slot:

Als tuinliefhebber/fruitliefhebber heeft u thuis vast wel

wat literatuur staan, in veel boekjes is dit verhaal terug te vinden,

ook in bomenboekjes.

Zoekt u op internet kunt u misschien zoeken op: cronartium ribicola.

Zei Fred Bakker het al niet in het vorige nummer:

'Lekker ontspannend, hè, dat tuinieren. Rot natuur'.

Dick, tuin 39

In de serie interviews met leden die zich naast het tuinieren

bezig houden met beeldende kunst deze keer een interview met

Wanneer en waar is je belangstelling voor tuinen ontstaan?

Eigenlijk al toen ik heel jong was.

Ik ben geboren en opgegroeid in Drenthe.

Wij hadden daar een grote bloemen-, moes- en “speel”tuin,

dus genoeg ruimte om de natuur en dingen te ontdekken.

Wat zijn de plannen die je hebt met de tuin?

De bedoeling is om er een heerlijke recreatietuin van te

maken, plus een kleine moestuin.

We hebben een gedeelte graszoden neergelegd,

dan zie je meteen resultaat en krijg je een idee

hoe de tuin eruit gaat zien.

Wil je bijzondere gewassen of bloemen kweken?

Nee, niet echt. We zijn nu bezig met het zaaien en planten van

de dingen die we leuk vinden, maar een volgende zomer kan

dat heel anders zijn.

Wat doe je in het dagelijks leven?

Ik werk bij een vriendin in de horeca.

Je schildert, kun je daar iets over vertellen?

        stukken roest, alle materialen eigenlijk die wat te vertellen

Schilderen is mijn passie, maar ook mijn werk.

Vooral in de winter zit ik in mijn tuinhuisje te schilderen.

Ik ben een materieschilder, dat wil zeggen dat ik met

materialen op het doek werk, zoals mooi oud hout of planken,

hebben, een leven achter de rug hebben. Ik wil ze op het doek een

tweede leven geven. Ik verwerk de materialen op het doek en schilder

vervolgens met acrylverf tot het gewenste resultaat. Mijn doel is om dan weer

een nieuw verhaal te vertellen.

Exposeer je je werk ook?

Meestal heb ik 1 à 2 keer per jaar een expositie van mijn werk.

De laatste keer was in januari; toen had ik een grote expo in het

Fort Gallery Spaarndam, en dat was een groot succes!

Jullie zijn nu al een poosje lid van deze vereniging.

Heb je nog tips voor de commissies en het bestuur?

Wat vind je van ons complex?

Ik vind dat we een prachtig complex hebben waar we trots

op mogen zijn, ook om de unieke locatie.

Misschien als tip om wat meer aandacht en inleving te hebben

voor mensen die met tuinvragen of problemen komen.

Eigenlijk een beetje minder vanuit het hoofd maar meer vanuit het hart!

Op de vraag uit “De Vondelier”, nummer 5, zijn weer diverse

oplossingen binnen gekomen. Hiervoor onze hartelijke

“Welke plant zag u op de foto”?

Diverse oplossingen kwamen voorbij waarbij de stokroos het meeste

scoorde maar ook de Vitus deed het goed. En dat was de plant, die

Gerard op de gevoelige lens had vastgelegd. En zijn foto was niet op

z’n kop afgedrukt! U zag op de foto een trosje druiven in wording.

Uit de goede inzenders hebben wij een winnaar getrokken.

Wij wensen Jos van tuinnummer 68, heel veel plezier

met zijn uit te kiezen prijs; een zak tuin/pot of zaaiaarde.

De commissie van “Wie weet het…..”, zal binnenkort de waardebon

komen overhandigen. Uiteraard komt een foto van deze uitreiking in

een van de volgende uitgaven van “De Vondelier”.

Wilt u de nieuwe prijsvraag-foto op de website bekijken dan

adviseren wij u om ongeveer 10 dagen na aflevering van dit boekje

even te kijken op onze website www.wzzo.nl.

De nieuwe prijsvraag:

Je bent als tuinierder/ster altijd wel in de weer op je tuin, schoffelen,

knippen, oogsten en kijken naar planten en dieren en soms verbaast

de natuur je enorm. Het is maar goed dat ik er een foto van heb

genomen en mijn vraag aan u is:

“Welke vogel heeft deze eieren gelegd”?

Denkt u het juiste antwoord op deze vraag te weten, zet die dan op

papier samen met uw naam en tuinnummer en stop uw antwoord in

de postbus van tuinnummer 80.

Uit de goede inzenders wordt een winnaar getrokken en zij/hij

ontvangt de prijs die door het bestuur ter beschikking wordt gesteld.

 Overigens zijn meerdere inzendingen toegestaan.

De waardebon ontvangt u van de commissie,

die alle inzendingen bestudeert, t.w. Gerard, Yvonne en Cocky.

Uw waardebon kunt u inwisselen in onze tuinwinkel.

Wij kijken uit naar uw oplossing! Heel veel succes!

De winnaar van deze vraag zullen wij in een van de volgende

uitgaven van “De Vondelier” vermelden, samen met een nieuwe

vraag.

                 Cocky

Het is bijna gebeurd met de voorraad, als u nog wat wilt hebben,

wees er snel bij, want pas begin december wordt alles weer

aangevuld. Om kou-gevoelige planten af te dekken, hebben we

tuinturf en turfmolm.

Weet u trouwens, dat blauwe bessen zure grond moeten hebben ?

Een baaltje tuinturf erbij strooien is heel goed.

Kompostversneller laat tuinafval sneller verteren, zodat er vlugger

weer plaats is in composttonnen

Lida

Voor de kok (geen zwart stukje gezien op het vlees), voor de maker van het koude

gebeuren (overheerlijk), voor het barpersoneel (ondanks de jeugdige leeftijd

zeer professioneel). We hebben de B.B.Q. van vrijdag 21 augustus j.l. als prima

verzorgd ervaren. Een zeer tevreden deelnemer.

Afgelopen winter heb ik verteld van de problemen met onze tuinkabouter met gele muts. Hij had allerlei kattekwaad uitgehaald en was verdwenen.

Ik kan nu gelukkig melden, dat hij terug is. Hij heeft excuses gemaakt,

dus wat mij betreft, is alles weer in orde.Waarschijnlijk heeft hij in

een internaat gezeten, (daar laat hij zich verder niet over uit). Heeft

goed te eten gehad, is gegroeid en heeft een tevreden gezicht. Het leukst

is nog, dat 'ie nu een bezem in de hand heeft, wat aangeeft niet te beroerd

te zijn om een handje te helpen. Eén ondeugd heeft hij nog, iedere keer als ik langs loop fluit hij naar mij. Maar ja, wat wil je, in een internaat, jongens

onder elkaar!!!                                                                                              Lida

Ongeveer drie jaar geleden wilden de overheden de amateurtuin

complexen meer bij de aanliggende wijken betrekken. Dit werd op

verschillende manieren duidelijk gemaakt, hetzij via bestemmingsplannen

of als wens geuit in huurcontracten en via het A.V.V.N.

In Haarlem gebeurt dit al bij de complexen aan de Boerhavelaan.

Het idee om dit doormiddel van wandelpaden te doen tussen Z.W.N.

en W.Z.Z.O. werd toen geboren. Maar hoe pak je dit aan?

Er moet natuurlijk draagvlak zijn bij die tuinbesturen. Dat was er.

Om die paden te beheren of het verbeteren daarvan moet je

aankloppen bij de gemeente. Ook hier moet je behalve ambtelijke

steun ook politieke steun zien te vinden en je komt helemaal verder,

als ook andere belanghebbenden positief gaan meewerken.

Aangeklopt met het plan bij mevrouw Langenacker, raadslid P.v.d.A.,

die veel contacten heeft bij wijkraden en positief staat tegenover het

plan, zijn wij samen op pad gegaan.

Resultaat: iedereen wilde meedoen, van recreatieschap tot dorpsraad

Spaarndam, Tuinverenigingen en wijkraden.

Vervolgens is er een voorontwerp gemaakt en uitgedeeld aan een

ieder. Wederom vergaderen. Veilige oversteekplaatsen aangeven.

Boerenlandpad van oost naar west door de Hekslootpolder werd

afgewezen. Hetzelfde voor een noord naar zuid verbinding over de

boerenerven langs de Vergierdeweg: werd in de koelkast geduwd.

Langs en in Spaarndam kwamen bestaande voetpaden in beeld.

Kortom, het werd niet alleen een verbinding tussen de tuinen,

er kwam door inbreng van verschillende enthousiaste deelnemers

steeds meer bij.

Uiteindelijk hebben alle partijen, ongeveer 8, elkaar gevonden.

Grofweg loopt het buitenste pad vanaf de Vondelweg hoek

Spaarndamseweg langs de hele Spaarndamseweg en gaat voor

Machinebrug (gemaal) tussen en langs de bunker naar het

Vissereinde en vandaar richting Z.W.N. langs Slaperdijkweg over het

complex van Z.W.N. naar de Vondelweg. Langs een nieuw aan te

leggen pad aan de noordkant van de Vondelweg de Vergierdeweg

oversteken, bijzonder discussiepunt op dit moment, naar een aan te

leggen pad wat op het fietswandelpad aansluit richting startpunt.

Dit is dus de buitenring en grootste afstand. Maar er is meer.

Het volgende stukje gaat over het ambtelijke proces en de

dwarsverbindingen.                                                    Willem

Er zijn van die perioden dat onze gewassen en gazons

worden belaagd door ondergronds gespuis waar wij

niet meteen de grote verdwijntruc voor weten.

Maar wanhoop niet, er schijnt licht aan de horizon

omdat er een manier opgezocht is om het tij (zelfs op

een biologisch verantwoorde manier) te keren!

Nadat er om onduidelijke reden geleidelijk bruine plekken in het

gazon zichtbaar worden, kunnen we er in de meeste gevallen

van uit gaan dat de oorzaak gezocht moet worden in de

aanwezigheid van engerlingen en (of) emelten.

Om deze ongenode gasten uit ons gazon te laten verdwijnen, ben ik

op zoek gegaan naar info . Omdat de chemische bestrijding met o.a.

een product van Bayer niet in de lijn ligt van ons volkstuin gebeuren,

is een milieubewuste vorm natuurlijk het alternatief .

Al doende heb ik de volgende mogelijkheid gevonden, namenlijk

1.         Biologische bestrijding door gebruik te maken van

Insectparasitaire Nematoden

De Nematoden, ook wel aaltjes genoemd (niet te verwarren

met schadelijke parasitaire aaltjes), zijn microscopisch klein

en leven in symbiose met een bacterie.

Eenmaal in de bodem uitgezet zoeken ze de emelten op en dringen

de emelten binnen. Eenmaal binnen scheiden de nematoden een

bacterie af, die de emelt doodt.

In de dode emelt ontstaat een nieuwe generatie Nematoden

die op zoek gaan naar nieuwe emelten om ze te infecteren.

Insectparasitaire Nematoden kunnen niet lang zonder een

“gastheer”overleven.

Zijn er geen prooien meer, dan sterven de Nematoden.

Wat zijn Emelten

Emelten zijn grauwgrijze larven van langpootmuggen .

Het is een taaie, grauwe pootloze larve zonder duidelijk zichtbare kop.

Van deze kop zijn alleen de monddelen zichtbaar.

Emelten hebben in tegenstelling tot Engerlingen, waarmee ze vaak

worden verward, geen poten.

Emelten hebben vijf verschillende larvenstadia.

Ze verblijven voor het grootste deel van dag in een ondiepe

verticale gang. ’s Nachts komen ze naar boven en vreten dan

aan de bovengrondse delen van de planten.

Emelten vreten dus niet aan de wortels van het gras, maar hebben

voor hun voeding de bovengrondse delen van het gras nodig.

Rond de gang van een emelt in het gras ontstaat een kaal plekje.

Ook kunnen emelten het gras afknippen en naar onderen trekken in

hun gang. Soms steekt er een stukje gras uit het holletje wat enige tijd

later is verdwenen, omdat het van onderen is weggevreten.

In het gras komen een vijftal verschillende soorten voor,

waarvan de Tipula paludosa de belangrijkste is.

Tapula paludosa geeft een generatie per jaar. De muggen van deze

soort vliegen vanaf begin september tot begin oktober.

Tapula oreacea komt wat minder vaak voor, maar in sommige jaren

kunnen ze talrijk zijn. Deze soort heeft twee generaties per jaar.

De eerste generatie muggen vliegt in mei, de tweede vanaf half

augustus tot half september,vooral de emelten van de eerste

generatie kunnen schade doen in de zomer (golfgreens!)

Als de vlucht van de langpootmuggen begint, zien we de lege

pophuidjes boven het kort gemaaide gras uitsteken.

In gazons kunnen aantallen van 200 á 300 per vierkante meter

schade veroorzaken. Sommige planten die aan het gazon grenzen

kunnen ook aangetast worden.

De emelt is voor de schade maar deels verantwoordelijk;

dieren als vogels en mollen lusten graag emelten en jagen er op

door het gras om te ploegen.

Wordt vervolgd, i.v.m. de lengte van het artikel.

Rob (tuin 29)

Als ik dit schrijf zijn wij net twee weken terug van een

heerlijke vakantie in Italië, om precies te zijn Ligurië.

Ligurië is het gebied grofweg tussen de Middellandse Zee

(de Bloemenriviéra), de Franse grens, onder Turijn

en vóór Toscane. Capice?

Het is een bergachtig, dunbevolkt, gebied met een prachtige natuur,

vele pittoreske middeleeuwse dorpjes en uitzichten waar je nog

maanden van kan dromen. Wij mochten er twee weken verblijven in

een huisje onderin een dal, dat alleen te bereiken was via een smal

weggetje van zand en keien langs behoorlijke ravijnen en met flinke

haarspeldbochten. En dat in de eerste versnelling, gedurende een

kwartier. Niet echt “om de hoek” dus! Maar als dat achter de rug is

heb je ook waar voor je geld. Rust en stilte, een prachtig uitzicht op

bergen en dalen. Twee weken zon en warmte in “the middle of

nowhere”. De gastvrouw bewoont het hoofdverblijf, wij logeerden in

een van de bijgebouwen, een smakelijk omgebouwde stenen schuur

voor de hooiopslag en kaasmakerij. Bij dit alles hoort een grote

moestuin, die in de vorm van meerdere terrassen tegen de

berghelling was aangelegd. Een terras voor de tomaten, een voor de

aubergines, een voor de boontjes, een voor de paprika’s, etc. etc.

Dit alles groeide zonder hulp van kas of glasbescherming. Gewoon

lekker in het zonnetje gedurende een groeiseizoen, dat ergens in

maart begint en loopt tot oktober/november. Hier kunnen wij,

W.Z.Z.O.-ers, slechts van dromen. Verder kenmerkt de streek zich

door de olijventeelt en de olijfboom is dan ook prominent overal

aanwezig.

De gastvrouw kookt vier maal per week voor de gasten en alle

ingrediënten komen vers uit eigen tuin. Alles wordt zelf bereid: pesto

(Ligurië is bekend om deze lekkernij en nergens vind je pesto die

beter smaakt!!) van basilicum uit eigen tuin, Salade Caprese van

tomaten uit eigen tuin, wederom basilicum uit eigen tuin en

Mozzarella (niet uit eigen tuin), Salsa Verde van peterselie uit eigen

tuin, gerechten met courgettes uit eigen tuin, met aubergines uit

eigen tuin, fagiolini uit eigen tuin, aardappeltjes uit eigen tuin,

pepertjes uit eigen tuin, paprika’s uit eigen tuin en dat alles royaal

besprenkeld met olijfolie, jawel: uit eigen tuin. Het brood wordt zelf

gebakken, de pasta wordt zelf gemaakt, zelfs de likeurtjes

(Limoncello!!) zijn van het huismerk. Het nagerecht (Dolce), en Italië

kent er vele bekende, is van eigen makkelij: Panna Cotta, Semi

Freddo, Zuppa Inglese (Trifle), Tiramisu, niks uit een bakje, zakje of

potje uit de supermarkt, zelf maken! Trouwens, de dichtstbijzijnde

supermarkt is een uur rijden van onze locatie, dus waar heb je het

over. Wij hebben kennis gemaakt met en mogen proeven van de

ideale moestuin: een lang groeiseizoen, veel zon erboven met

navenante warmte (de eerste week was het tegen en over de veertig

graden…..), prachtige groentes, heerlijke kruiden en vruchten met de

smaak van vroeger. Oogsten wat je nodig hebt en hup in de pan

ermee. Last van kweek, pispotten, perzikkruid en ander “vuil”?

Welnee, té droog en té warm. Dat is met recht zaaien en oogsten.

Succes verzekerd! Maar goed, na twee weken was het uit met de pret

en terug naar Nederland. De thermometer in de auto zakte weer,

uiteraard viel de regen met bakken naar beneden en stonden wij bij

Eindhoven en bij Utrecht en bij Amsterdam en bij Haarlem weer

lekker in de file. Dit seizoen liepen wij constant achter met de tuin.

Was het een mooi weekend, hadden wij verplichtingen elders, was

het een regen-week-end hadden wij geen verplichtingen elders.

Het was zo’n seizoen van: als we werken is het mooi weer, zijn we

vrij, dan regent het. Het onkruid was er blij mee en zo hebben wij een

nieuwe “code” op de tuin gehoord. Als het dan een keer mooi weer

was en wij de moed verzameld hadden om “het vuil” op de tuin te lijf

te gaan, werd de vraag gesteld: “Zijn jullie met vakantie geweest….?”

Met andere woorden: je tuin ziet er niet uit!! “Nee, regen, werken,

druk,druk,druk, etc., etc.” was steevast onze reactie. Als nu de vraag

wordt gesteld: “Zijn jullie met vakantie geweest?” en de tuin oogt als

een braakliggend terrein, dat jaren ligt te wachten op bodemsanering,

hebben wij besloten te reageren met: “Nee hoor! Het is hier in

Nederland gewoon te koud, te nat, het groeiseizoen te kort, het waait

altijd hard, niks wil er groeien behalve het “vuil” en wij hebben een

ernstig gebrek aan Italianen met veel gevoel voor drama en

overmatige expressie in woord en gebaar die de plantjes moed in

praten of ze de grond uit schreeuwen (dat konden we nooit verstaan),

dat is het!!”. Ciao!!                                                                Fred

WZZO © 2015 • F.H.M. Schoot Uiterkamp